Kernantwoord

We weten momenteel niet wat er voor de oerknal was, of zelfs of er een ‘ervoor’ bestond. De goed onderbouwde hete beginfase moet worden onderscheiden van een veel onzekerder absoluut begin.[5]

  • Geen Explosie: de oerknal heeft geen centraal explosiepunt -> denk aan uitdijende ruimte, niet aan brokstukken in een lege omgeving.[4]
  • Sterk Bewijs: achtergrondstraling en lichte elementen ondersteunen een heet vroeg heelal -> niet automatisch een absoluut begin.[5]
  • Onvolledige Theorie: bij de klassieke singulariteit falen Einsteins vergelijkingen -> behandel die niet als een waargenomen gebeurtenis.[7]
  • Voorwaardelijk ‘Ervoor’: zonder eerdere tijden ontbreekt de betekenis van ‘voor’ -> dat hangt af van het juiste model.[5]
  • Meerdere Hypothesen: modellen vermijden of vervangen de singulariteit op verschillende manieren -> verwar mogelijkheden niet met vastgestelde geschiedenis.[5]
  • Open Onderzoek: er ontbreekt een betrouwbare, volledige kwantumzwaartekrachttheorie -> houd het antwoord voorlopig open.[5]

De oerknal is uitdijing, geen explosie

De hete-oerknaltheorie beschrijft hoe het heelal vanuit een zeer hete, dichte toestand uitdijt en afkoelt. Het gaat niet om materie die vanuit een centrum een al bestaande lege ruimte in vliegt: de afstanden tussen ver uiteen gelegen gebieden nemen toe doordat de ruimte uitdijt.[7][4][5]

De kosmische achtergrondstraling, de oorspronkelijke hoeveelheden lichte elementen en de waargenomen uitdijing ondersteunen dit beeld. Ze vertellen ons echter niet rechtstreeks of het heelal uit ‘niets’ ontstond of een voorgeschiedenis had.[4][5] Een heet verleden is dus beter onderbouwd dan een absoluut scheppingsmoment.

Bij t = 0 bereikt de klassieke theorie haar grens

Wanneer eenvoudige kosmologische oplossingen van de algemene relativiteitstheorie worden teruggevolgd naar hun formele begin, vaak aangeduid als t = 0, verschijnen oneindige dichtheid en kromming: een singulariteit. Daar biedt de klassieke theorie geen geldige beschrijving meer.[5][7]

Dat bewijst niet dat zulke oneindigheden werkelijk bestonden. Het wijst op de noodzaak van nieuwe fysica, waarschijnlijk een kwantumbeschrijving van zwaartekracht. Wat de singulariteit vervangt, weten we niet zeker.[5]

Wanneer heeft ‘ervoor’ geen betekenis?

Tijd is onderdeel van de ruimtetijd, niet vanzelfsprekend een externe klok die altijd doorloopt. Als tijd zelf begon of een grens had zonder eerdere tijdstippen, is ‘wat gebeurde ervoor?’ binnen zo’n beschrijving niet gedefinieerd.[5][8]

Dat is een voorwaardelijke uitspraak, geen bewezen conclusie dat tijd werkelijk begon. Andere modellen laten juist een eerdere fase toe.[5]

Drie onderzochte, maar onbevestigde mogelijkheden

HypotheseMechanisme en betekenis van ‘ervoor’Belangrijkste beperking
Bounce of cyclisch heelalEen eerdere krimpfase gaat over in expansie. In het cyclische voorstel van Steinhardt en Turok herhaalt die geschiedenis zich.[7][10]Zulke modellen kennen onder meer stabiliteitsproblemen; een eerdere cyclus is geen vastgestelde geschiedenis.[3]
Eeuwige inflatieInflatie stopt lokaal, terwijl andere gebieden blijven uitdijen en nieuwe ‘pocketuniversa’ ontstaan. Onze hete oerknalfase kan dan een lokale overgang zijn.[9]Eeuwig doorgaan naar de toekomst bewijst geen oneindig verleden; onder bepaalde aannames blijft een vroegere grens aanvullende fysica vereisen.[1]
Hartle-Hawking no-boundaryEen kwantumkosmologisch voorstel waarin de vroege geometrie glad afsluit zonder initiële rand. ‘Ervoor’ hoeft dan geen betekenis te hebben, vergelijkbaar met ‘zuidelijker dan de Zuidpool’.[8]Het is een voorstel waarvan voorspellingen aan waarnemingen moeten worden getoetst, geen gemeten oorsprong.[8]

Deze mogelijkheden verschillen dus wezenlijk: een voorafgaande fase, een groter inflatoir geheel, of geen klassieke tijd ervoor. Geen daarvan levert momenteel een vastgesteld antwoord.[5]

Synthese

De hypotheses verschillen in mechanisme, tijdstructuur en theoretische beperkingen. Ze proberen de grens van onze huidige beschrijving te verklaren; ze hebben niet dezelfde bewijsstatus als het hete, uitdijende vroege heelal.[5] De wetenschappelijk verantwoorde conclusie blijft: we weten hoe het heelal zich vanuit een vroege hete toestand ontwikkelde veel beter dan waarom die toestand bestond, of wat eraan voorafging.

Referenties

  1. hep-th/0702178 Eternal inflation and its implications arxiv.org
  2. science.nasa.gov science.nasa.gov
  3. 1406.2790 A Critical Review of Classical Bouncing Cosmologies arxiv.org
  4. John Mather :: FAQ :: Cosmology asd.gsfc.nasa.gov
  5. A tale of two big bangs « Einstein-Online einstein-online.info
  6. No rescue for the no boundary proposal: Pointers to the future of quantum cosmology | Phys. Rev. D link.aps.org
  7. Avoiding the big bang « Einstein-Online einstein-online.info
  8. The Origin of the Universe pas.va
  9. arxiv.org arxiv.org
  10. A cyclic model of the universe – Princeton University collaborate.princeton.edu

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *